
De Oost-Friese Waddeneilanden
Op slechts enkele kilometers voor de zuidelijke Noordzeekust liggen de zeven Oost-Friese Waddeneilanden aaneengeregen als een parelketting in het nationale park Nedersaksische Waddenzee.
meer
Borkum is het meest westelijke en met 36 km² het grootste van de zeven Oost-Friese Waddeneilanden. Dankzij de golfstroom heerst er op het eiland een klimaat met een bijzonder pollenarme en jodiumhoudende lucht, waardoor het eiland 150 jaar geleden al werd erkend als kuurbadplaats aan de Noordzee.
Juist is met 17 km het langste en tegelijkertijd ook het smalste van de Oost-Friese Waddeneilanden. Op sommige plaatsen heeft het eiland slechts een breedte van 500 m.
Norderney, het van het westen uit gezien derde Oost-Friese Waddeneiland, is al in 1797 uitgeroepen tot de eerste kuurbadplaats aan de Noordzee. Het is dus niet verwonderlijk dat wellness op het eiland een grote rol speelt.
Baltrum, het Doornroosje van de Noordzee, ligt exact in het midden van de zeven Oost-Friese Waddeneilanden en is met een lengte van 5 km en een breedte van maximaal 1,5 km het kleinste onder de permanent bewoonde eilanden.
Gelegen tussen wad en zee heeft het bijna 20 km² grote eiland altijd blootgestaan aan het natuurgeweld. Het 14 km lange natuurlijke zandstrand werd geschapen door de Noordzee, krachtig winden vormden het unieke duinlandschap.
In 1860 is het begonnen. Toen plantten de Spiekeroogers in het Friederikental hun eerste bosje dat zich snel uitstrekte. Daarom is Spiekeroog tegenwoordig zo groen.
Wangerooge is het meest oostelijke van de bewoonde Oost-Friese Waddeneilanden en een populaire vakantieplaats voor zowel jong als oud.
|